LOB-activiteiten

Expertisepunt LOB

LOB-begeleiding

De begeleider (slb-er, coach, mentor, docent) begeleidt jongeren en voert het LOB-programma uit. Om de kwaliteit van de LOB-begeleiding  te borgen wordt jaarlijks de PDCA-cyclus doorlopen.
Meer weten over hoe je LOB-begeleiding kunt vormgeven en de kwaliteit kunt borgen? Bekijk dan onderstaande infographics, wegwijzers en tools.

 

 

Inspiratie uit praktijk, onderzoek en het nieuws

LOB-praktijkvoorbeelden
Wikken en Wegen in het hoger onderwijs. Over studieloopbanen en instellingsbeleid

Herweijer, L. & Turkenburg, M. (2016)

In dit onderzoek is het gebruik van verschillende routes naar het hoger onderwijs in kaart gebracht, evenals de achtergronden van de studenten die deze routes benutten. Ook zijn veranderingen in studieloopbanen en verschillen tussen studenten met uiteenlopende vooropleidingen onderzocht. Daarnaast zijn met vertegenwoordigers van hogescholen en universiteiten gesprekken gevoerd over de wijze waarop deze instellingen invulling geven aan het beleid om studenten op de goede plek te krijgen en studiesucces te bevorderen, en hun ervaringen daarmee.

LOB-praktijkvoorbeelden
Neem ook je eigen ervaringen mee in een LOB-gesprek

Rijn IJssel ontwikkelt een LOB-werkwijze waarmee studenten snel inzicht krijgen in de LOB-competenties en hoe ze die kunnen verbeteren. 

Interview met Pascal Mariany, LOB-intermediair

ICT-docent Pascal Mariany ontwikkelde samen met collega’s voor de studenten Software Developer op Rijn IJssel een LOB-werkwijze waarmee ze snel inzicht hebben in de LOB-competenties en hoe ze die kunnen verbeteren. De pilot verliep zo succesvol dat hij de komende jaren wordt uitgerold over de andere opleidingen van Rijn IJssel. Wat houdt de werkwijze in, hoe verliep de pilot en heeft hij tips voor collega’s op andere scholen?

De favoriete LOB-activiteit van Pascal Mariany? Dat is de opdracht ‘Terugblikken op een bepaalde periode’. ’Bij die oefening krijg je een aantal vragen om terug te blikken, maar ook om alvast vooruit te kijken,’ zegt Mariany, ICT docent en LOB Intermediair op Rijn IJssel. ‘Zo ervaren de studenten hoe zelfreflectie werkt. Ontzettend leerzaam!’ Dat komt goed uit: we blikken met Mariany terug op de LOB-pilot die de afgelopen twee jaar op Rijn IJssel draaide voor studenten Software Developer. Mariany ontwierp een ‘LOB-Rubric’ samen met collega Marjon Dullenmond van de opleiding laboratoriumtechniek, een beoordelingsmatrix die aansluiten bij de vijf LOB competenties. Rita Sessink, een beleidsmedewerker met de portefeuille loopbaancoaching, heeft hier ook in meegedacht. Studenten kunnen nu met behulp van een meetinstrument (De Peilstok) voor elke LOB-competentie bepalen op welk niveau ze zitten, ‘Oriëntatie’, ‘Ontwikkel’ of ‘Expert’. Vervolgens kunnen ze LOB-activiteiten uitkiezen die daarbij aansluiten, met het doel om voor alle competenties het niveau ‘Expert’ te halen. De activiteiten en resultaten houden ze bij in hun digitale LOB Portfolio.

LOB werd bij Rijn IJssel zo’n twee jaar geleden op de agenda gezet. Waar begin je dan?

’Met inventariseren. LOB voelde in eerste instantie als iets dat er extra bij kwam, maar we ontdekten dat we eigenlijk al best veel deden. We hadden het alleen niet inzichtelijk, waardoor we ons er niet zo van bewust van waren. De eerste stap was dus om te onderzoeken wat we al aan LOB deden en waar nog hiaten zaten. Die gaten hebben we vervolgens opgevuld met LOB-activiteiten, die we onder meer vonden in de database van het Expertisepunt LOB. Vervolgens hebben we er een programma omheen gemaakt. Twee jaar geleden hebben we met een stuk of acht studenten een pilot gedraaid. Daar kregen we positieve reacties op. Na overleg met het docententeam van Software Developer hebben we hetzelfde programma vorig jaar met alle zestig eerstejaars gedraaid.’

Hoe hebben jullie LOB ingebed in het normale onderwijs?

‘Bij Rijn IJssel liep de introductie van LOB bijna gelijk op met de omslag naar een vorm van onderwijs die we RIJK noemen: Rijn IJssel Kwalitatief onderwijs. We willen studenten stimuleren om steeds meer zelf de regie te nemen over hun ontwikkeling, en de docent heeft meer een coachende rol. Onze docenten krijgen daarvoor ook trainingen, bijvoorbeeld hoe je een coachend gesprek voert. LOB was een soort katalysator, het werkte ontzettend goed om die twee lijnen tegelijk te hebben. Daarnaast kregen we een nieuw online systeem, SBIS. We werken bij RIJK onderwijs met leereenheden van vijf of tien weken, daarbinnen valt dan een aantal leeractiviteiten rond een praktijkgericht doel. LOB is ook zo’n leereenheid, de werkwijze is ontwikkeld op basis van het sjabloon ‘Leeractiviteiten’ in het online systeem. Voor de studiebelasting staat in dit geval 750 minuten. Dat is trouwens wel een beetje natte vingerwerk, ook afhankelijk van of een student een opdracht alleen of in een groepje doet. Sommige activiteiten, zoals de Belbin teamroltest, heb ik zelf doorlopen, dat duurt ongeveer een kwartier en dat is ook wat we terughoren dat een student er mee bezig is.’

Studenten werken voor een flink deel zelfstandig aan hun LOB-activiteiten. Hoe verliep dat tijdens de pilot?

‘Het viel me op dat het verschilt per leeftijdsgroep: de studenten jonger dan achttien zijn er wat minder zelfstandig in, die moet je af en toe sturen, bijvoorbeeld door te zeggen ‘Ik verwacht dat je volgende week die-en-die activiteit hebt gedaan. Onder de studenten van achttien plus pikt het gros het zelfstandig op. Ik vroeg dan tussendoor aan een student ‘Hoe gaat het met je LOB?’ en dan was het antwoord ‘Goed, kijk maar in mijn portfolio, ik heb al drie opdrachten gedaan!’ Een toevoeging van mijn collega-docent Luuk Burgers is dat we twee keer LOB-dag hebben georganiseerd, waarop studenten aan elkaar presenteren wat ze aan LOB hebben gedaan. Dat werkt heel goed, het is een beetje een stok achter de deur.’

Zijn er onderdelen die je op basis van die pilot hebt bijgesteld?

‘Sommige LOB-activiteiten zijn inhoudelijk en tekstueel wat verduidelijkt of aangepast. Soms was niet duidelijk hoe een student het moest vastleggen, of was de tekst te moeilijk. Daarnaast hebben we feedback gevraagd aan een handvol studenten: wat vonden jullie ervan? Sommigen zeiden eerlijk dat ze LOB wel een beetje een ‘moetje’ vonden, al snapten ze wel de beweegredenen erachter. Maar de meeste studenten waren en zijn echt positief en ook intrinsiek gemotiveerd. Omdat ze begrijpen ‘Oké, dit is een proces, uiteindelijk is er een gevuld portfolio, dat ik mee kan nemen naar een vervolgopleiding of werkgever.’

Merk je dat de studenten door de LOB-activiteiten ècht meer inzicht krijgen in wat ze willen en hoe ze zich ontwikkelen?

‘Ik wil dat graag gaan onderzoeken zodat ik het met grafieken kan aantonen, maar als ik studenten ernaar vraag zijn ze er in elk geval positief over. Een heel concreet voorbeeld: een student had twee keer een Belbin teamroltest gedaan en merkte dat er de tweede keer een andere rol uitkwam: van ‘Plant’ was hij nu meer een ‘Groepswerker’. Hij vond dat fijn om terug te zien, want dat was ook echt wat hij wilde. Hij zit nu net een paar dagen op stage en ik ben benieuwd hoe hij het ervaart, of het klopt. Studenten kunnen in overleg trouwens ook zelf LOB-activiteiten toevoegen. Een student was bij zijn middelbare school gevraagd om een presentatie te geven over de studie Software developer, om leerlingen te inspireren. Dat heeft hij gedaan en daarmee heeft hij meerdere LOB-competenties in één klap geslagen, want het viel behalve onder kwaliteitenreflectie ook onder netwerken.’

Nog even over de docent als coach. Voor veel docenten is zo’n coachende rol best een verandering!

‘Ik vind het zelf echt mooi dat de het traject met loopbaancoaching erbij is gekomen, het was voor mij ook een reden om bij Rijn IJssel te willen werken. Ik zie wel dat het voor sommige docenten een omslag is, die voelen zich comfortabeler in de rol van traditionele docent die informatie overdraagt en halen het meeste plezier uit het geven van hun vak. Je kunt het natuurlijk best combineren. In een team is er altijd wel íemand die LOB erg leuk vindt of er affiniteit mee heeft, of die het op natuurlijke wijze al doet. Juist diegene zou voorloper of ambassadeur van LOB kunnen zijn. Ik heb zelf gemerkt dat LOB na een tijdje steeds meer gedragen wordt door de rest van het team. Het besef dringt steeds meer door dat ‘Een leven lang leren en ontwikkelen’ niet alleen voor de studenten geldt, maar ook voor ons.’

Hoe zijn eigenlijk jouw eigen ervaringen met loopbaanbegeleiding? Neem je die ook mee in je gesprekken?

‘Ik kom uit een gezin waar aan de opvoeding niet echt veel aandacht werd besteed, ik was zo’n jongetje dat altijd lief met z’n autootjes zat te spelen, het idee was ‘Pascal redt zich wel’. Ik wil niet alle ouders over een kam scheren, maar alle ouders zijn druk en ik herken mezelf in de studenten van nu: ze zijn een beetje lost, ze zijn verloren in de keuzes die ze moeten maken. Dat is niet erg, dat hoort ook gewoon bij hun ontwikkeling. Maar wat mij motiveert, is dat wij op school daarbij ook een soort kompas kunnen bieden en dat af en toe kunnen helpen bijsturen. Gewoon door te zeggen ‘Kom er even bij, dan kijken we samen naar je loopbaan’.’

Bij zo’n LOB-gesprek horen ook persoonlijke vragen: Hoe gaat het thuis, hoe zit je in je vel, voel je je hier op je plek? We hebben als docent allemaal een loopbaan achter de rug, je hebt een rugzak vol ervaringen. Het is mooi als je daar bij een LOB-gesprek af en toe iets uit kunt halen dat misschien kan helpen. ‘Dit is mijn ervaring, hoe kijk jij ertegenaan, misschien heb je er iets aan?’ Je moet natuurlijk altijd even checken of studenten daarvoor open staan, als het niet zo is, dan is het ook prima. Maar mijn ervaring is dat studenten er zeker voor open staan.’ Deze LOB-werkwijze wordt nu standaard opgenomen in de opleiding Software Developer. Hoe gaat het verder?

‘Ik heb inmiddels de taak en de uren gekregen om LOB op eenzelfde manier op te pakken voor het hele cluster Techniek/ICT, dat zijn meer dan dertig teams. De stip aan de horizon is dat in schooljaar 2022/2023 álle teams LOB hebben opgenomen in de online leeromgeving van hun opleidingen. Dat wordt een hele klus, want bij sommige opleidingen hebben nog niet alle studenten een laptop. Misschien moet je dan focussen op de LOB-gesprekken en op het portfolio en is dat voor die opleiding voldoende. Het begint in elk geval altijd met contact leggen en inventariseren: wat wordt er al aan LOB gedaan, waar zitten de hiaten en hoe kun je die invullen op een manier die past bij de opleiding?’

Tot slot: heb je tips voor collega-docenten die LOB ontwikkelen?

‘Ik zou zeggen: ga als team eerst na wie de kartrekker kan zijn voor wat betreft LOB. Misschien kan hij of zij samenwerken met iemand die alles coördineert. Verder is het belangrijk om ‘de broodjes warm te houden’. Ook in de plenaire overleggen met de docenten. Zet LOB gewoon op de agenda! Ook al heb je niks bedacht, er komt vanzelf een gesprek en dat kan uitmonden in een intervisiemoment, een evaluatiemoment of nieuwe ideeën.

Als docent: kijk ook eens naar hoe je je eigen loopbaan hebt ervaren en hoe je je hebt ontwikkeld, en neem die ervaring mee in je gesprekken met studenten. Zoek de verbinding. Juist vanuit je eigen levenservaring kun je iets bijdragen waar een student wat aan heeft.’

Tekst: Anne Wesseling 
Fotografie: Hetty van Oijen

 

Een padlet bij de doorstroom mbo-hbo
Een padlet met veel informatie en inspiratie voor een soepele doorstroom van mbo naar hbo!

De afgelopen 2 jaar heeft de projectgroep doorstroom mbo-hbo, met daarin 6 docenten die betrokken zijn bij de overstap naar het hbo, gewerkt aan het versterken van het doorstroomrendement van studenten niveau 4 die de overstap naar het hbo maken. Doel van het project is studenten nieuwe leerervaringen laten opdoen en ze in contact brengen met mhbo-ambassadeurs (ervaringsdeskundigen die de overstap zelf al hebben gemaakt). Om te zien wat er is gemaakt en opgeleverd vanuit de projectgroep zijn een aantal van de producten verzameld op een padlet. In één oogopslag kun je naar keuze producten terugvinden waar jij binnen je team en met je studenten direct mee aan de slag kunt.

LOB tijdens vaklessen

LOB op een voetstuk in iedere les!

Op het Utrechtse VOLT! Toekomstmakers, start en eindigt elke vakles, zowel profiel- als keuzevak, met een loopbaangerichte vraag. Dit zet leerlingen in de 'loopbaanmodus' en laat ze nadenken over wat ze daadwerkelijk hebben aan de inhoud van de les, of het onderzoeken van de lesdoelen. Deze loopbaangerichte vragen dragen bij aan de betrokkenheid van de leerling in de les en motiveren hen om aan de loopbaancompetenties te werken.

Speeddaten tussen klas 3 en 6

Speeddaten over je profielkeuze!

Om ervoor te zorgen dat derdejaars vwo-leerlingen de juiste profielkeuze maken, vinden op het Ignatius Gymnasium in Amsterdam speeddates plaats tussen leerlingen uit klas 3 en leerlingen uit het examenjaar. De speeddate wordt gehouden tijdens mentorlessen, leerlingen uit klas 3 én uit klas 6 worden opgesplitst in halve klassen. Gedurende drie kwartier wisselen derdejaars leerlingen meerdere keren van plaats en bevragen zesde klassers de over profielen en vakken. Dit doen zij aan de hand van vragen die zij een week ervoor tijdens de mentorles hebben voorbereid. De mentor inventariseert de opbrengst van de speeddate en noteert welke vragen zijn blijven liggen en nadere aandacht van de decaan verdienen.

Speeddate-ontbijt

Netwerken bij een broodje!

Het speeddate-ontbijt is een mooie manier om leerlingen in korte tijd kennis te laten maken met minimaal vier beroepen/sectoren. Voor het ontbijt worden in eerste instantie ouders van de school uitgenodigd om te komen vertellen over hun werk en beroep, maar ook wordt gekeken naar stage-contacten en ander mensen uit het netwerk van de decanen. Dit alles om tijdens de speeddate een zo divers mogelijk aanbod van beroepen en sectoren aan te kunnen bieden . Leerlingen kunnnen tijdens de speeddate van alles vragen, maar ook alvast contact leggen voor een eventuele stage in de toekomst. Zo snijdt het mes aan twee kanten!

Samenwerken met verwante scholen

Amsterdamse gymnasia werken samen en organiseren een University College en buitenlanddag

Al een aantal jaar organiseren de vijf Amsterdamse gymnasia ‘de University College en buitenlanddag’ voor gymnasium-leerlingen die meer willen weten over de mogelijkheid om na hun eindexamen te studeren aan een University College of te werken of te studeren in het buitenland. Nederlandse University Colleges, organisaties die zich richten op studeren in het buitenland (zoals Fulbright Center en US Study) en vrijwilligersorganisaties zijn aanwezig om alle vragen van leerlingen en hun ouders te beantwoorden.

De snapchat lens

Interactieve tool toont mbo-opleidingsaanbod in de huiskamer

Het maken van een keuze voor een opleiding is op zichzelf al niet gemakkelijk. Door de komst van corona is dit nog iets lastiger geworden. Om aankomend studenten hierbij te helpen, bedacht het ROC van Amsterdam - Flevoland een Virtuele Sectorenmarkt. Een Open Dag bezoeken of een dagje meelopen is in deze tijden uitdagender dan normaal. Om studenten te helpen bij het maken van een goede keuze introduceert het ROC van Amsterdam - Flevoland op Snapchat de Virtuele Sectorenmarkt. Zo kunnen studiekiezers door middel van augmented reality, via een medium dat bij hen populair is, kennismaken met alle studierichtingen.

Leren kiezen voor de toekomst

Tips en opdrachten via YouTube

Errol Hogenkamp en Els Dillerop, decanen op het Montessori College in Arnhem startten een eigen YouTubekanaal en maakten een studiekeuzechallenge van 30 filmpjes om leerlingen aan het denken te zetten over hun loopbaankeuzes. Daarnaast voerden zij interviews met beroepsbeoefenaren om hun leerlingen te inspireren en aan te zetten tot zelf interviews houden.

Later begint nu!

Een theatervoorstelling als start van het profielkeuzeprogramma

Elk jaar opnieuw stellen 3e-klassers zichzelf de belangrijke vraag: welk profiel ga ik kiezen? Deze keuze heeft grote gevolgen voor hun toekomst en is voor veel leerlingen vaak lastig te overzien. Op het Newman College in Breda worden de leerlingen uit klas 3 op hun profielkeuze voorbereid met een profielkeuzedag. Op deze dag worden leerlingen zich bewust van de dilemma’s die er zijn bij het keuzeproces en leren ze wat kan helpen bij het maken van een passende profielkeuze. De interactieve schoolvoorstelling ‘Later Begint Nu’ is de aftrap van de profielkeuze-dag. Deze voorstelling zorgt ervoor dat leerlingen in de ‘aan-stand’ komen, inzicht krijgen in wat een keuze eigenlijk is en hoe het keuzeproces werkt.

Keuzecarrousel niet Nederlandstalige leerlingen

Beter aansluiten bij het Nederlandse schoolsysteem

Niet-Nederlandstalige jongeren (18-27 jaar) kunnen zich via de Keuzecarrousel van Scalda oriënteren op een passende en effectieve instroommogelijkheid in het mbo. Tijdens meeloopdagen bij de gekozen opleiding en het werkveld wordt gewerkt aan het vergroten van werknemers-, samenwerkings- en schoolse vaardigheden. Op deze manier verloopt de aansluiting bij het Nederlandse onderwijssysteem vloeiender en weten zij beter wat er tijdens stages of een toekomstig beroep van hen wordt verwacht.

LOB-nieuws
Handreiking Studentenwelzijn in corona-tijd

Handreiking voor ondersteuning van studenten met een ondersteuningsvraag in het hoger onderwijs.