Talentgerichte loopbaangesprekken
Brouwer-Truijen, K., Woudt-Mittendorff, K. & Pullen, A. (2017)
Hoe kunnen loopbaangesprekken bijdragen aan betere studiekeuzes en meer interesse in techniek?
____________________________
Het onderzoek laat zien dat onvoldoende begeleiding bij studiekeuzes bijdraagt aan uitval en het tekort aan leerlingen die voor bèta‑opleidingen kiezen. Talentgerichte loopbaangesprekken, gecombineerd met praktijkervaringen in techniek en een actieve luisterhouding van de mentor, versterken loopbaancompetenties en helpen leerlingen betere en bewustere keuzes te maken.
____________________________
Samenvatting van het onderzoek
Het onderwijs worstelt al jaren met problemen rondom studiekeuzes van leerlingen. Het voortijdig schoolverlaten en het veelvuldig switchen worden gekoppeld aan het feit dat zij geen goede keuze zouden maken. Ook is er een groot tekort aan jongeren die kiezen voor een bèta-opleiding. Een belangrijke oorzaak van deze problemen is onvoldoende begeleiding van jongeren bij het maken van hun studiekeuze. Goede loopbaangesprekken stimuleren hen tot reflectie en spreken hen aan op hun talenten. Jongeren kunnen er zo beter achter komen wie ze zelf zijn en wat ze in de toekomst willen. Veel docenten willen hier graag een rol in spelen, maar hebben nog te weinig handvatten. Docenten, mentoren en decanen kunnen loopbaangesprekken gebruiken om leerlingen te enthousiasmeren voor bèta. Daarnaast is het nuttig om hen ervaringen in de technische beroepspraktijk aan te bieden. Juist de combinatie met loopbaangesprekken kan jongeren helpen bij het maken van een goede studiekeuze.
Samen met docenten is een methodiek voor het voeren van talentgerichte loopbaangesprekken met passie voor techniek ontworpen. Daarbij zijn docenten geprofessionaliseerd op dat gebied. Vervolgens is de methodiek ingevoerd en zijn de resultaten gemeten.
De resultaten van het onderzoek laten zien dat in de verschillende VO-scholen er in het algemeen weinig aandacht wordt besteed aan het bespreken van 'betekenisvolle ervaringen en emoties' en 'techniek'. Leerlingen geven aan dat er vooral aandacht wordt besteed aan 'reflecteren en activeren' en het 'bespreken van de toekomst'. Leerlingen geven aan dat ze in redelijke mate over loopbaancompetenties beschikken, maar in mindere mate bezig zijn met het opbouwen en onderhouden van contacten (netwerken) en dat ze op pro-actieve wijze studie- en werkmogelijkheden (loopbaanvorming) kunnen onderzoeken. De ontwikkelde methodiek, met meer aandacht in het loopbaangesprek voor betekenisvolle ervaringen, emoties, reflecteren, activeren, bespreken van de toekomst en techniek, draagt positief bij aan het ontwikkelen van loopbaancompetenties van leerlingen.
De insteek van het gesprek is een belangrijke voorwaarde voor de mate waarin gesproken wordt over talenten en kwaliteiten. Wanneer de loopbaanactiviteit centraal staat, wordt er nauwelijks een koppeling gemaakt met de talenten en kwaliteiten van de leerlingen. Wanneer het gesprek over hobby's of een bijbaan gaat, staat dit meer centraal. De mentoren passen de methodiek van talentgerichte loopbaangesprekken gedeeltelijk toe. Tijdens goede loopbaangesprekken heeft de mentor een actieve luisterhouding, stelt verdiepingsvragen en vat samen.
Wat kun je uit het onderzoek meenemen naar de LOB-praktijk?
Uit het onderzoek kunnen de volgende aanbevelingen voor mentoren en decanen gedestilleerd worden:
- Probeer vaker met leerlingen in gesprek te gaan over betekenisvolle ervaringen of emoties.
- Laat mentoren meer kennis maken met de achtergronden van techniek, mogelijke stereotyperingen en mindsets van leerlingen.
- Probeer ook in de lagere klassen van vmbo, havo en vwo te reflecteren op talenten, interesses en activiteiten aan bod te laten komen.
- Probeer in het gesprek minder leidend en helpend te zijn, en te laveren tussen enerzijds streng (confronterend) en anderzijds ruimte gevend.



