LOB-onderzoeksbank

Expertisepunt LOB
< overzicht

Studiekeuzes van jongeren met een migratieachtergrond op het VMBO

Geeske Strating, Tynke Hof (Stichting Alexander) (2022)

Onbewuste overtuigingen en ervaringen uit de leefwereld van jongeren hebben grote invloed op studiekeuzes, vooral bij leerlingen met een migratieachtergrond.

____________________________

Het onderzoek laat zien dat jongeren hun keuzes sterk baseren op gevoelens, ervaringen en verwachtingen uit hun directe omgeving. Factoren zoals de wens voor zekerheid, erkenning en passend werk spelen een belangrijke rol, maar worden niet altijd bewust afgewogen. Tegelijk ontbreekt het vaak aan reflectievaardigheden en brede informatie, waardoor keuzes minder goed onderbouwd zijn. Een helder en stapsgewijs keuzeproces, met aandacht voor persoonlijke ontwikkeling en invloed van de omgeving, helpt jongeren om betere keuzes te maken.

____________________________

Samenvatting van het onderzoek 

Deze onderzoeksrapportage biedt inzicht in studiekeuzeprocessen van jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond op het VMBO. Aanleiding voor dit onderzoek is het feit dat de arbeidsmarktpositie van jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond achterblijft op die van andere jongeren. Verschillende factoren kunnen hier een rol in spelen. Dit onderzoek richt zich op één van die mogelijke verklarende factoren: jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond kiezen vaker voor MBO opleidingen met een lage baankans dan jongeren zonder een migratieachtergrond (Bisschop et al., 2020). Om dit fenomeen te kunnen begrijpen is het van belang om inzicht te krijgen in hoe jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond een keuze maken voor een vervolgopleiding, en welke factoren een rol spelen in hun keuze. Deels is dit reeds bekend, onder andere vanuit onderzoek van Petit e.a. (2013) en van van Roijen e.a. (2019). Dit kwalitatieve onderzoek richt zich op de factoren die zich manifesteren in de gevoelswereld van jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond, en hoe die overtuigingen en gevoelens zich verhouden tot hun studiekeuzeproces. De vraag die wij in opdracht van het NRO hebben onderzocht, luidt:  

Welke onbewuste overtuigingen, overwegingen, ideeën en gevoelens voorafgaand aan het loopbaanoriëntatie- en –begeleiding (LOB) -traject spelen een rol bij de profiel- en/of studiekeuzes die jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond op het VMBO maken? 

Opzet  
Om factoren in hun keuzeproces te kunnen achterhalen waar jongeren zich zelf niet of nauwelijks van bewust zijn, is naast een nauwe aansluiting op de leefwereld van de doelgroep, continue reflectie op proces en inhoud van belang. Reflectie mét de doelgroep samen is nodig om achter deze onbewuste factoren te kunnen komen. Daarom is gekozen voor een participatief en reflectief leefwereldonderzoek, waarin jongeren zelf een actieve rol hebben gespeeld in zowel de opzet en uitvoering van het onderzoek alsook tijdens de fase van duiding en reflectie op de onderzoeksdata en het trekken van conclusies en formuleren van aanbevelingen. In totaal hebben 93 jongeren van het VMBO en het MBO meegewerkt aan dit onderzoek, waarvan 31 jongeren op het VMBO via een diepte-interview over hun keuzeproces.  

Resultaten  
Het onderzoek laat een breed palet aan perspectieven en gevoelens zien. Met jongeren en professionals samen is een aantal belangrijke uitkomsten gedefinieerd en geprioriteerd, en is gezocht naar aanknopingspunten voor (betere) ondersteuning.  

Toekomstperspectieven  
De diepte-interviews laten zien dat jongeren met name de volgende drie aspecten in een toekomstige baan belangrijk vinden: leuk werk dat bij mij past, financiële zekerheid en respect krijgen voor het werk dat ik doe. Bij het duiden en interpreteren van deze resultaten met jongeren samen kwam naar voren dat, ook al lijken het heel simpele en logische aspecten, deze er juist voor kunnen zorgen dat een studiekeuzeproces moeizaam verloopt.  

  1. Leuk werk dat bij mij past  
    Om erachter te komen wat je leuk vindt, en wat bij je capaciteiten past moet kunnen reflecteren en exploreren op je kwaliteiten, wensen en behoeften. Voor veel jongeren blijkt dit niet makkelijk te zijn, en bij deze doelgroep speelt mee dat ze vaak van huis uit niet gewend zijn om te praten over waar je goed in bent, of om voorkeuren en wensen ten aanzien van beroepen te exploreren. Hier kunnen ze extra ondersteuning en concrete handvatten bij gebruiken.
  2. Financiële zekerheid  
    Jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond hechten naar eigen zeggen vanuit hun achtergrond (ouders die voor een beter leven naar Nederland zijn gekomen) veel waarde aan financiële zekerheid en daarmee gepaard een goed leven. Des te opvallender dat hun studiekeuzes dat niet laten zien. Uit dit onderzoek blijkt dat studie- en beroepskeuzes veelal gebaseerd zijn op ervaringen en input van de directe omgeving. Er is een heersend beeld van baanzekerheid en een goed inkomen bij economische en juridische beroepen, alsook bij zorgberoepen. Dit zijn ook de beroepen die ze veel om zich heen zien, wat ook het gevoel kan geven dat dit ‘goede’ beroepskeuzes zijn. Een betere en bredere informatievoorziening over potentieel zekere beroepen en baankansen kan helpen om een realistischer beeld te ontwikkelen.  
  3. Respect  |
    Respect krijgen voor je werk is geen vanzelfsprekendheid voor jongeren met een (niet-Westerse) migratieachtergrond, zo blijkt uit dit onderzoek. Jongeren met een migratieachtergrond zijn zich er sterk van bewust dat hun integratie op de arbeidsmarkt moeizamer zal verlopen dan die van jongeren zonder migratieachtergrond. Om te voorkomen dat ze in voor hen onveilige werkomgevingen terecht komen waar discriminatie een rol kan spelen, kiezen jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond eerder voor beroepen en profielen waar al veel mensen met een migratieachtergrond werken, of kiezen ze liever voor een eigen bedrijf (al dan niet een overgenomen familiebedrijf).  

Omgaan met verwachtingen  
De invloed en verwachtingen van ouders en familieleden kunnen een grote rol spelen bij jongeren met een migratieachtergrond. Jongeren hechten veel waarde aan de mening van familieleden, maar geven aan dat het ven belang blijft om zelf een keuze te maken en je niet te laten beïnvloeden. In het kader van LOB is het daarom zinvol als er meer aandacht komt voor hoe je de meningen en verwachtingen van anderen (zoals ouders, maar ook van docenten en niet in de laatste plaats je eigen verwachtingen) weegt, en hoe je ze uiteindelijk -wel of niet- mee laat spelen in je keuzeproces.  

Een helder en overzichtelijk keuzeproces  
Voor veel jongeren lopen profielkeuze, studiekeuze en beroepskeuze door elkaar, en ze zijn voornamelijk bezig met de grote vraag: wat wil ik later worden? Een proces waarin helderheid en overzichtelijkheid gecreëerd wordt door middel van fasering en opbouw van opdrachten en vragen kan helpend zijn. Bij een helder en overzichtelijk keuzeproces horen volgens jongeren de volgende onderdelen die op maat en stapsgewijs ingezet moeten worden:  

  • Passende hulp, ondersteuning en handvatten voor reflectie op de eigen capaciteiten
  • Passende informatie over welke stappen ze in hun keuzeproces (gaan) doorlopen, en wat ze kunnen verwachten aan ondersteuning en hulp vanuit de school  
  • Passende informatie over beroepen (inclusief baankansen en baanzekerheid) 

Wat kun je uit het onderzoek meenemen naar de LOB-praktijk?

Adviezen van jongeren met een niet-Westerse migratieachtergrond voor de LOB-praktijk 

Het feit dat LOB op iedere school op een andere manier wordt aangepakt zorgt voor een diversiteit aan ervaringen met LOB. Met jongeren is gereflecteerd op deze ervaringen, en is samen een rode draad gezocht in wat de kaders en randvoorwaarden zijn voor een succesvol en inclusief LOB-aanbod op school. Sleutelwoorden hierin zijn maatwerk en een positieve benadering.  

Adviezen over LOB

  • Zorg voor maatwerk: iedere jongere, en daarmee ieder keuzeproces, is anders
  • Zorg voor een logische en gefaseerde opbouw van aanbod van LOB-activiteiten
  • Bied ruimte én handvatten voor reflectie op eigen capaciteiten: dit kan in individuele gesprekken, maar ook in groepsgesprekken
  • Bied handvatten voor de omgang met perspectieven en meningen van anderen
  • Maak gebruik van activerende werkvormen
  • Zorg voor een positieve stimulans om aan de slag te gaan met LOB
  • Houd het praktisch: bedrijvenbezoeken, meeloop/ snuffelstages, presentaties van werknemers

Adviezen voor een mentor/ decaan/ begeleidend docent

  1. Praat niet alleen over school en toekomstperspectieven, maar ook over wie de leerling is als persoon  
  2. Focus op het positieve, vertel ook hoe jij de leerling ziet
  3. Onderzoek samen wat de leerling al weet, en wat hij of zij nog nodig heeft om een keus te maken  
  4. Check wat de leerling hier zelf in kan doen, en waar nog hulp bij nodig is (en maak hier afspraken over)
  5. Blijf naast de leerling staan, en ondersteun waar nodig