LOB-onderzoeksbank

Expertisepunt LOB
< overzicht

Sociaal kapitaal in het mbo: slagboom of hefboom? Onderzoek onder mbo'ers en docenten.

Esch, W. van, Petit, R., Neuvel, J., & Karsten, S. (2011)

Hoe belangrijk zijn netwerken en sociale contacten voor de loopbaanontwikkeling van mbo‑studenten?

____________________________

Het onderzoek laat zien dat het sociaal kapitaal van mbo‑studenten sterk verschilt en grote invloed heeft op studiesucces, stagekansen en loopbaankeuzes. Juist studenten met een klein of beperkt netwerk kunnen baat hebben bij extra ondersteuning vanuit school, bijvoorbeeld door maatschappelijke participatie, samenwerking met verenigingen en gerichte begeleiding bij loopbaanvragen.

____________________________

Samenvatting van het onderzoek 

Deze studie gaat over het sociaal kapitaal van mbo’ers. Kapitaal verwijst naar iets waardevols, bij sociaal kapitaal zijn het de relaties tussen mensen die waardevol zijn. Het kan gaan om mensen die men via studie of werk leert kennen of via vrijetijdsactiviteiten; denk aan de sportclub waar de trainer jongeren wijst op een sportopleiding of ouders met elkaar praten over welke opleiding voor hun zoon of dochter geschikt zou zijn. We weten al het nodige over het sociaal kapitaal van volwassenen, maar hoe zit dat met dat van jongeren, en nog meer specifiek dat van mbo’ers. Over deze vraag gaat dit onderzoek. Sociaal kapitaal valt (groten)deels samen met wat we tegenwoordig netwerken noemen. In netwerken van mbo’ers bevinden zich allerlei mensen die hen kunnen helpen bij bijvoorbeeld het succesvol afronden van hun studie, bij het gemakkelijker vinden van een stageplaats, een vervolgopleiding, of een baan op de arbeidsmarkt. We weten dat volwassenen die personen kennen met beroepen met veel prestige, eerder een baan vinden, of een betere baan, of een beter betaalde baan. Onderzocht is hoe het netwerk van mbo-studenten eruitziet. Hoeveel beroepsbeoefenaren zij kennen en welke beroepen voorkomen in hun netwerk. En daarnaast er ook hulpbronnen zijn in de netwerken; mensen die kunnen helpen bij schoolopdrachten, bij het vinden van een stageplek en bij de studie-en beroepskeuze. 

Wat kun je uit het onderzoek meenemen naar de LOB-praktijk?

Studenten op het mbo verschillen enorm van elkaar als het gaat om het netwerk. Sommigen hebben een rijk sociaal leven en een groot en gevarieerd netwerk van beroepsbeoefenaren. Anderen daarentegen kunnen nergens terecht voor hulp of een goed gesprek, bijvoorbeeld over de beroepskeuze. Juist voor die laatste categorie kan de school iets extra’s betekenen en hen helpen hun sociaal kapitaal te versterken. Maar hoe?
Als rode draad in het onderzoek kwam naar voren dat maatschappelijke participatie, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk of lidmaatschap van een vereniging, het sociaal kapitaal ten goede komt. Jongeren leren hierdoor meer mensen kennen met allerlei verschillende beroepen en ook meer mensen die hun kunnen helpen bij hun leerloopbaan. Maatschappelijke participatie is niet voor alle jongeren vanzelfsprekend. De school zou kunnen bevorderen dat jongeren maatschappelijk actief zijn, door bijvoorbeeld schoolopdrachten te verbinden aan vrijwilligerswerk of samen te werken met het plaatselijke club/verenigingsleven. Ook in de sociale contacten van studenten onderling kan de school iets betekenen, bijvoorbeeld door het organiseren van feesten of sportactiviteiten. Verder kunnen scholen jongeren die in hun netwerk van familie, vrienden en kennissen weinig hulp kunnen verwachten, extra begeleiding bieden. Deze jongeren zijn immers vooral op de school aangewezen bij belangrijke keuzes.