Expertisepunt LOB

LOB in het MBO

Het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) bereidt jaarlijks ruim 500.000 studenten voor op hun toekomst in de maatschappij. Daarom kent het mbo een drievoudige kwalificatieplicht: opleiden voor een vak, opleiden voor een vervolgopleiding en opleiden voor goed burgerschap.

LOB vormt een wettelijk onderdeel van deze drievoudige kwalificering. Studenten ontwikkelen tijdens hun mbo-opleiding de loopbaancompetenties verder waarmee zij in het voortgezet onderwijs zijn begonnen. Ze verdiepen en verbreden hun kwaliteiten, motieven, netwerk, exploreren werk en geven verder sturing aan hun loopbaan.

Op deze pagina vind je informatie over wet- en regelgeving en vormgeving van LOB in het mbo.

Hoe geven mbo-scholen in Nederland vorm aan LOB? Bekijk de LOB-praktijkvoorbeelden!

 

MBO wet- en regelgeving

De kwalificatie-eisen Loopbaan en Burgerschap zijn in het mbo beschreven in de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB). De kwalificatie-eisen Loopbaan en Burgerschap zijn een generieke diploma-eis en onderdeel van elk kwalificatiedossier. Hierin staat dat in het onderwijs aandacht moet worden besteed aan de vijf loopbaancompetenties. Elke opleiding is vrij om hier zelf invulling aan te geven, maar moet de wijze waarop zij dit aanbieden wel vastleggen in de OER. Voor LOB in het mbo geldt geen exameneis. Wel geldt er een diploma-eis: • Inspanningsverplichting voor de student. De student moet tijdens de studie werken aan LOB. In de onderwijs- en examenregeling of studiegids staat wat de student moet doen om aan de inspanningsverplichting te voldoen om een diploma te behalen. • Resultaatverplichting voor de school. De mbo-school is verplicht LOB-onderwijs aan te bieden. De school legt in de onderwijs- en examenregeling (OER) vast welke inspanningen de student voor LOB-onderwijs moet leveren om een diploma te behalen. De school faciliteert de student in het uitvoeren van deze inspanningen. De examencommissie beoordeelt aan het einde van de opleiding of de student aan de gestelde inspanningsverplichtingen in de algemene onderwijs- en examenregeling (OER) heeft voldaan. Dit ‘resultaat’ wordt op het diploma weergegeven (‘voldaan’). Hoewel loopbaan en burgerschap in dezelfde kwalificatie-eisen zijn beschreven, zijn er wel degelijk belangrijke verschillen. In de flyer Raakvlakken LOB en Burgerschap lees je meer informatie hierover.

Ambitie-agenda mbo

Na de stimuleringsprojecten LOB in het vo en mbo, heeft de minister van Onderwijs in een brief (september 2016) haar vervolgaanpak voor LOB gepresenteerd waarmee zij onverminderd aandacht vraagt voor LOB. Daarop volgde een motie in de Tweede Kamer waarin werd gevraagd om landelijke normen voor LOB. In november 2017 heeft de minister hierop geantwoord met een brief waarin het belang van goed LOB wordt benadrukt.

Aanvullend op deze laatste brief van de minister heeft de MBO Raad samen met JOB de ambitieagenda LOB opgesteld voor de kwaliteitsverbetering van LOB. In de ambitieagenda LOB worden de aspecten beschreven die aan de basis staan van goede LOB: visie en beleid, activiteiten en begeleiding, kwaliteitsbewaking en professionalisering. Afhankelijk van de fase waarin een school zich bevindt, kunnen de LOB-agenda’s dienen als startinstrument, inventarisatie-instrument en evaluatie-instrument. 

Doorstroomrechten mbo

Doorstromen van het ene naar het andere onderwijsniveau of -sector is onlosmakelijk verbonden met LOB. LOB staat namelijk voor leren kiezen. Dus wanneer jongeren dit hebben geleerd, dan kunnen zij op basis van hun zelfkennis en opleidingsbeeld ook een keuze maken naar welk onderwijs zij door willen stromen.

Bij het doorstromen hebben jongeren wettelijke rechten, de zogenaamde doorstroomrechten. De volgende doorstroomrechten gelden rondom het mbo:


Doorstromen van vmbo naar het mbo

Jongeren hebben in Nederland een kwalificatieplicht. De wettelijke toelatingseisen voor het MBO zijn vastgesteld door de Rijksoverheid. Er zijn opleidingen waar aanvullende toelatingseisen voor gelden en nadere vooropleidingseisen (verplichte vakken) voor niet-verwante doorstroom. Wanneer een leerling voor keuze van een MBO opleiding staat ontvangt hij een brief van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap met daarin de informatie aangaande het studiekeuzeadvies waar de leerling recht op heeft bij inschrijving vóór 1 april. In de doorstroomatlas vmbo van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wordt duidelijk aangegeven hoe de doorstroom vanuit het vmbo plaatsvindt.


Doorstromen van havo naar mbo

Middels een overgangsbewijs kan er worden doorgestroomd van havo 3 naar het MBO niveau 3 of 4.


Studiekeuzeadvies mbo

Een aspirant-student die zich voor 1 april aanmeldt, heeft het recht op een studiekeuzeadvies. Naast een plaatsingsgesprek kan een mbo-school deelname aan verplichte intakeactiviteiten van de student eisen. Het mbo heeft opleidingen op 4 niveaus: mbo entree, 2, 3 en 4.

Bindend studieadvies binnen het mbo Als een student begint aan een mbo-opleiding, krijg hij in het eerste jaar een bindend studieadvies (BSA).


Doorstroming binnen het mbo

Studenten met een diploma mbo-niveau-2 hebben recht op toelating tot een niveau-3 of -4 opleiding. Zij dienen zich voor 1 april aan te melden en hebben dan formeel dezelfde status als vmbo-leerlingen uit kader, gl of tl die naar het mbo gaan.


Tussenjaar na het mbo

Het is mogelijk om na het behalen van het mbo-diploma (niveau-2 of hoger) te kiezen voor een tussenjaar. De leerling is dan niet meer leerplichtig.


Doorstroomrechten van mbo naar hbo

Kom je uit een mbo4-opleiding, dan ben je toelaatbaar voor alle bachelor- en Ad- opleidingen met uitzondering van de pabo. Voor de toelatingseisen vanuit de 21+ regeling verwijzen we je naar de website van de door jou gekozen opleiding/instelling.

ROC Mondriaan, mbo-2

ROC Mondriaan, mbo-2

Wij hebben absoluut LOB op de radar. We willen dat graag structurelere aandacht geven en zorgen dat we gerichtere loopbaanbegeleiding aan onze niveau 2-studenten kunnen geven.  Heel fijn dat het Expertisepunt LOB daarbij zo op maat wil ondersteunen, dat helpt. 

 

Teamleider mbo-opleiding

Teamleider mbo-opleiding

Even geleden heeft onze regiocontactpersoon een interactieve LOB inspiratie ochtend verzorgd. Deze ochtend is goed ontvangen! Verschillende docenten zijn nu bezig met het onderwerp. Nu is het tijd voor de volgende stap.
Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

Over het belang van stages: “Ik heb het ontzettend naar mijn zin op stage. Ik vind het fijn om lekker bezig te zijn. Ik zie nu pas hoe ik mijn studie in de praktijk kan toepassen. Toen ik aan mijn studie begon, kwam ik blanco binnen. Ik had geen idee wat ik kon doen met ICT eigenlijk.”
Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

“Kwaliteiten- en motievenreflectie is iets voor de middelbare school als je nog een studiekeuze moet maken. Ik weet dat ik de juiste keuze heb gemaakt. Nu wil ik aan de slag met mijn toekomst en wat ik moet doen om mijn doelen te behalen.”
Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

Uit rapport Youngworks: Jongerenperspectief op LOB

“Ik heb nu een audio-opleiding gekozen. Maar wil wel graag ontdekken welke kant ik op wil. Ga ik studio of live doen? Of misschien voor mezelf beginnen? En ik vind het heel belangrijk dat we concreet leren hoe we doelen kunnen bereiken. Bijvoorbeeld: hoe maak je een goede Linkedin? Het is fijn om dat allemaal op een rijtje te hebben, dat geeft overzicht.”

Toezicht op LOB

De Onderwijsinspectie houdt toezicht op LOB op basis van het onderzoekskader 2017 voor de toezicht op het middelbaar beroepsonderwijs. Het waarderingskader mbo telt per gebied een aantal standaarden. In het standaard  van het ‘kwaliteitsgebied onderwijsproces’ is LOB opgenomen in het eerste onderwijsproces ‘OP1 Onderwijsprogramma: Het onderwijsprogramma bereidt de studenten voor op beroepspraktijk, vervolgonderwijs en samenleving.’. Over de waardering van de basiskwaliteit (wat móeten het bestuur en de school) van OP1 staat opgenomen:  

“De opleiding biedt een onderwijsprogramma dat is toegespitst op de doelgroep en de beroepspraktijk waartoe de opleiding kwalificeert en diplomeert. Het programma is afgestemd op de onderwijs- en vormingsdoelen van het kwalificatiedossier, de daarbij behorende keuzedelen en eventuele wettelijke beroepsvereisten alsmede op de onderwijs- en vormingsdoelen van de opleiding zelf. Het programma kent een duidelijke opbouw en samenhang, is passend bij de opleidingsduur en er zijn voldoende begeleide onderwijsuren en uren beroepspraktijkvorming. Het verwerven van generieke competenties, waaronder die met betrekking tot loopbaan en burgerschap, maakt deel uit van het programma. Het programma sluit aan bij het voorafgaand onderwijs, bereidt voor op het aanbod van vervolgonderwijs en biedt mogelijkheden voor maatwerk. Het programma is voor studenten tijdig en voor aanvang van de opleiding bekend.” 

Over de waardering van de eigen ambities en doelen van de school (wat wíllen het bestuur en de school) van OP1 staat opgenomen: 
“Is er aanvullend beleid op de kwaliteit van het onderwijsprogramma en (hoe) wordt dit gerealiseerd?”